Dit is mijn eerste solo, hij duurt ongeveer 5:30 minuten. Het verhaal gaat over een jongen (Arthur) die geconfronteerd wordt met de belmaatschappij van tegenwoordig en niet weet hoe hij er mee moet omgaan.
Geniet er van
Welkom
Dit is de nieuwe blog van de Rits studenten die hun projecten aan mij hebben doorgegeven en mij gevraagd om ze op de blog te zetten.Ik zit voor het moment in 1 AK (eerste bachelor audiovisuele kunsten).Op deze blog ga ik ook wel enkele foto's zetten die ik getrokken heb of waar ik aan meegewerkt heb, maar ze zullen wel bijna altijd iets te maken hebben met school.Enjoy!
Mathias en iedereen uit 1 AK
Mathias en iedereen uit 1 AK
vrijdag 11 januari 2008
donderdag 10 januari 2008
Van kunst mijn leven maken en van mijn leven kunst maken?
We moesten voor het examen cultuurgeschiedenis de bovengestelde vraag "oplossen" voor onszelf en het antwoord in essay vorm gieten. Dit is mijn antwoord op de vraag.
Hoe kan ik van mijn leven kunst maken
en van kunst mijn leven maken?
Mathias Brouns
7 januari 2008
Iedere persoon die zichzelf wilt profileren als kunstenaar, zal zich over bovenstaande dubbele vraag moeten buigen. En aangezien ik nu studeer in de audiovisuele kunsten, rijst de vraag naar de rol van kunst voor en in mijn leven. Daarom ging ik op zoek naar antwoorden bij mezelf en bij enkele naasten en dat leidde tot onderstaande bedenkingen en ook tot nieuwe vragen. Daar de probleemstelling geponeerd wordt als een dubbele vraag, heb ik de antwoorden ook in twee delen opgesplitst. Wat mij opviel, was dat beide stukken niet identiek zijn, maar wel sterk verbonden.
Laat ik beginnen met de meest eenvoudige definitie van een kunstenaar, als “iemand die met zijn kunst geld verdient”. Eerstgenoemde definitie zou inhouden dat van kunst je leven maken louter betekent dat men kan leven met het statuut van erkende kunstenaar. Toch geloof ik niet dat iedereen die zichzelf kunstenaar noemt echt van kunst zijn leven gemaakt heeft. De mensen die louter volgens de regels… van de kunst…. kunst maken en dit zien als hun beroep, kunnen zichzelf volgens de definitie kunstenaar noemen, maar zijn in mijn ogen niet noodzakelijk kunstenaars. Misschien moeten we hier proberen een gradatie in te bouwen en een onderscheid maken tussen artiest en kunstenaar. Artiesten zouden mensen kunnen zijn die niet enkel kunst maken volgens de regels, maar ook hun eigen visie volgen; niet zomaar de canon volgen maar er zich tegen afzetten en proberen te verbeteren naar hun eigen normen. Dit houdt in dat mensen die echt van kunst hun leven maken door ze te dromen, passioneel te beleven en te veranderen eerder de naam artiest zouden moeten krijgen dan de naam kunstenaar. Zij zijn ook degenen die er met succes in geslaagd zijn om van kunst hun leven te maken.
Dat brengt ons bij de de andere vraag: “Hoe kan ik van mijn leven kunst maken?”. Dat is een heel andere kwestie dan de vraag die we eerst bekeken, al merken we dat ze onlosmakelijk verbonden zijn. Mensen die proberen om van hun leven kunst te maken, trachten zich te verheffen boven het banale of proberen het banale te verheffen tot kunst. Zo kunnen we stellen dat de Fluxus beweging met hun “happenings” proberen het dagdagelijkse te veranderen in kunst. Ze proberen al spelenderwijs de grens tussen werken en spelen te laten verdwijnen, en het werk en spel verheffen tot kunst. Is dat van het dagelijkse leven kunst maken? Of zit het 'm niet in de verandering van de dingen maar in de manier van hen te beleven, door juist het banale te beleven als kunst ? Zo lees ik graag die enkele Belgische auteurs die over dagdagelijkse dingen schrijven, maar ze wel verkopen als kunst. De werken van Herman Brusselmans bijvoorbeeld, lijken over niets te gaan, behalve over dagelijkse, uiterst banale voorvallen. Zijn boeken zijn altijd semi-autobiografisch geschreven en lijken zo uit het leven gegrepen. Brusselmans verheft dus het banale tot literatuur en zo tot kunst. Het werk van Dimitri Verhulst gaat in dezelfde richting. Hij schrijft over dagelijkse thema's, maar doordat ze verwerkt zijn in een roman – en dus de kunst der letteren – verwerven de momenten op straat en in cafés die hij beschrijft het statuut van kunst.
De verbanden tussen leven en kunst worden overigens in de taal weergegeven door een aantal begrippen. In het Nederlands bestaat er iets dat men levenskunst noemt, wat volgens Van Dale gedefinieerd wordt als “de kunst zich in het maatschappelijk leven op gepaste wijze te bewegen”. Dit zou betekenen dat de levenskunst een sterk sociaal, cultureel bepaald aspect heeft, zodat de anderen kunnen beoordelen of men zijn eigen leven “kunstig” genoeg vervult. Zo leven is, in mijn ogen, geen kunst, dat is de regels goed kennen en opvolgen. We zouden kunnen zeggen dat levenskunst veronderstelt te leven volgens de regels van de kunst en de heersende maatschappij.
Een levenskunstenaar doet volgens de definitie van Van Dale heel iets anders dan leven volgens de regels van de kunst. Hij wordt beschreven als “iemand die de mogelijkheden die het leven biedt, optimaal benut”. Dit zou betekenen dat het een kunst is om van het leven te genieten, om elk aspect van het leven als het ware tot kunst te verheffen door het bewust te beleven.
We zouden dit verder kunnen doortrekken en zo proberen om om ernaar te streven van het hele leven een echt kunstwerk te maken, het leven en de omgeving zo inrichten dat ze gaan gelden als kunstwerken. Zo een radicale levenskeuze wordt gemaakt in het boek “A Rebours” van Joris-Karl Huysmans” waar een man tot in het decadente probeert zijn omgeving zo esthetisch mogelijk aan te passen aan zijn wil en zijn verlangens. Het kunstminnend hoofdpersonage heeft zo’n afkeer van al wat natuurlijk – en daardoor volgens hem banaal – is, dat hij zich terugtrekt in een afgelegen huis, uitsluitend omringd door verfijning. Elke gewaarwording wordt aldus kunst-matig en kunst-zinnig. De traditionele tegenstelling tussen cultuur en natuur wordt op de spits gedreven. Men kan zeggen dat als de mens de natuur naar zijn hand zet, hij cultuur creëert. Ook wordt gezegd dat natuur cultuur teniet doet, aangezien natuur de chaos veronderstelt terwijl cultuur automatisch een systeem bevat, ook wel gekend als de canon dat heerst in eender welke tijdsgeest of cultuur.
De tweedelige vraag over de plaats van de kunst in ons leven wordt voornamelijk beantwoord door de passie voor de kunst als verrijking en beleving van het leven. Passie is hetgeen de twee delen van de vraag verbindt want er is een immense passie nodig om kunst te creëren, appreciëren en er zijn leven van te kunnen maken. Iedereen weet dat kunst niet rijk maakt en enkel passie houdt de kunstenaar of artiest overeind om zijn visie te blijven volgen zonder compromissen te sluiten en zich aan te passen aan de maatschappij. De kunstenaar of artiest zal proberen de maatschappij deels aan te passen aan zijn visie door zijn passie te delen met die maatschappij. Ik zie de kunst als een superlatief van het kunnen, het kunnen zien, voelen, denken, creëren en vooral de superlatief van het kunnen genieten van het leven.
Hoe kan ik van mijn leven kunst maken
en van kunst mijn leven maken?
Mathias Brouns
7 januari 2008
Iedere persoon die zichzelf wilt profileren als kunstenaar, zal zich over bovenstaande dubbele vraag moeten buigen. En aangezien ik nu studeer in de audiovisuele kunsten, rijst de vraag naar de rol van kunst voor en in mijn leven. Daarom ging ik op zoek naar antwoorden bij mezelf en bij enkele naasten en dat leidde tot onderstaande bedenkingen en ook tot nieuwe vragen. Daar de probleemstelling geponeerd wordt als een dubbele vraag, heb ik de antwoorden ook in twee delen opgesplitst. Wat mij opviel, was dat beide stukken niet identiek zijn, maar wel sterk verbonden.
Laat ik beginnen met de meest eenvoudige definitie van een kunstenaar, als “iemand die met zijn kunst geld verdient”. Eerstgenoemde definitie zou inhouden dat van kunst je leven maken louter betekent dat men kan leven met het statuut van erkende kunstenaar. Toch geloof ik niet dat iedereen die zichzelf kunstenaar noemt echt van kunst zijn leven gemaakt heeft. De mensen die louter volgens de regels… van de kunst…. kunst maken en dit zien als hun beroep, kunnen zichzelf volgens de definitie kunstenaar noemen, maar zijn in mijn ogen niet noodzakelijk kunstenaars. Misschien moeten we hier proberen een gradatie in te bouwen en een onderscheid maken tussen artiest en kunstenaar. Artiesten zouden mensen kunnen zijn die niet enkel kunst maken volgens de regels, maar ook hun eigen visie volgen; niet zomaar de canon volgen maar er zich tegen afzetten en proberen te verbeteren naar hun eigen normen. Dit houdt in dat mensen die echt van kunst hun leven maken door ze te dromen, passioneel te beleven en te veranderen eerder de naam artiest zouden moeten krijgen dan de naam kunstenaar. Zij zijn ook degenen die er met succes in geslaagd zijn om van kunst hun leven te maken.
Dat brengt ons bij de de andere vraag: “Hoe kan ik van mijn leven kunst maken?”. Dat is een heel andere kwestie dan de vraag die we eerst bekeken, al merken we dat ze onlosmakelijk verbonden zijn. Mensen die proberen om van hun leven kunst te maken, trachten zich te verheffen boven het banale of proberen het banale te verheffen tot kunst. Zo kunnen we stellen dat de Fluxus beweging met hun “happenings” proberen het dagdagelijkse te veranderen in kunst. Ze proberen al spelenderwijs de grens tussen werken en spelen te laten verdwijnen, en het werk en spel verheffen tot kunst. Is dat van het dagelijkse leven kunst maken? Of zit het 'm niet in de verandering van de dingen maar in de manier van hen te beleven, door juist het banale te beleven als kunst ? Zo lees ik graag die enkele Belgische auteurs die over dagdagelijkse dingen schrijven, maar ze wel verkopen als kunst. De werken van Herman Brusselmans bijvoorbeeld, lijken over niets te gaan, behalve over dagelijkse, uiterst banale voorvallen. Zijn boeken zijn altijd semi-autobiografisch geschreven en lijken zo uit het leven gegrepen. Brusselmans verheft dus het banale tot literatuur en zo tot kunst. Het werk van Dimitri Verhulst gaat in dezelfde richting. Hij schrijft over dagelijkse thema's, maar doordat ze verwerkt zijn in een roman – en dus de kunst der letteren – verwerven de momenten op straat en in cafés die hij beschrijft het statuut van kunst.
De verbanden tussen leven en kunst worden overigens in de taal weergegeven door een aantal begrippen. In het Nederlands bestaat er iets dat men levenskunst noemt, wat volgens Van Dale gedefinieerd wordt als “de kunst zich in het maatschappelijk leven op gepaste wijze te bewegen”. Dit zou betekenen dat de levenskunst een sterk sociaal, cultureel bepaald aspect heeft, zodat de anderen kunnen beoordelen of men zijn eigen leven “kunstig” genoeg vervult. Zo leven is, in mijn ogen, geen kunst, dat is de regels goed kennen en opvolgen. We zouden kunnen zeggen dat levenskunst veronderstelt te leven volgens de regels van de kunst en de heersende maatschappij.
Een levenskunstenaar doet volgens de definitie van Van Dale heel iets anders dan leven volgens de regels van de kunst. Hij wordt beschreven als “iemand die de mogelijkheden die het leven biedt, optimaal benut”. Dit zou betekenen dat het een kunst is om van het leven te genieten, om elk aspect van het leven als het ware tot kunst te verheffen door het bewust te beleven.
We zouden dit verder kunnen doortrekken en zo proberen om om ernaar te streven van het hele leven een echt kunstwerk te maken, het leven en de omgeving zo inrichten dat ze gaan gelden als kunstwerken. Zo een radicale levenskeuze wordt gemaakt in het boek “A Rebours” van Joris-Karl Huysmans” waar een man tot in het decadente probeert zijn omgeving zo esthetisch mogelijk aan te passen aan zijn wil en zijn verlangens. Het kunstminnend hoofdpersonage heeft zo’n afkeer van al wat natuurlijk – en daardoor volgens hem banaal – is, dat hij zich terugtrekt in een afgelegen huis, uitsluitend omringd door verfijning. Elke gewaarwording wordt aldus kunst-matig en kunst-zinnig. De traditionele tegenstelling tussen cultuur en natuur wordt op de spits gedreven. Men kan zeggen dat als de mens de natuur naar zijn hand zet, hij cultuur creëert. Ook wordt gezegd dat natuur cultuur teniet doet, aangezien natuur de chaos veronderstelt terwijl cultuur automatisch een systeem bevat, ook wel gekend als de canon dat heerst in eender welke tijdsgeest of cultuur.
De tweedelige vraag over de plaats van de kunst in ons leven wordt voornamelijk beantwoord door de passie voor de kunst als verrijking en beleving van het leven. Passie is hetgeen de twee delen van de vraag verbindt want er is een immense passie nodig om kunst te creëren, appreciëren en er zijn leven van te kunnen maken. Iedereen weet dat kunst niet rijk maakt en enkel passie houdt de kunstenaar of artiest overeind om zijn visie te blijven volgen zonder compromissen te sluiten en zich aan te passen aan de maatschappij. De kunstenaar of artiest zal proberen de maatschappij deels aan te passen aan zijn visie door zijn passie te delen met die maatschappij. Ik zie de kunst als een superlatief van het kunnen, het kunnen zien, voelen, denken, creëren en vooral de superlatief van het kunnen genieten van het leven.
Abonneren op:
Posts (Atom)